Niet zaaien maar planten: hoe het is om te telen op onkruidrijke Veenkoloniale dalgrond

De gebroeders Prins telen op onkruidrijke Veenkoloniale dalgrond. Ze kozen ervoor vaker te planten in plaats van te zaaien. Deze strategie levert een voorsprong op voor het gewas. Het vergt een stevige investering in machines en arbeid, maar het betaalt zich weer uit. 

Arjan Prins

(On-)kruid

Dalgrond is een bodemtype dat niet van nature voorkomt, het is een mengsel van het zand dat ooit onder het veen zat en de toplaag van het hoogveen. Dat levert een humusrijke zandgrond op, waar onkruiden als knopkruid, veenwortel, perzikkruid en melde naar hartenlust in kiemen. Met de hoge temperaturen van tegenwoordig bijna het hele jaar door.  

Akkerbouw

De Veenkoloniën is voor een groot deel akkerbouwgebied met een vrij beperkt bouwplan van vooral veel fabrieksaardappelen en suikerbieten en een klein aandeel andere gewassen als tarwe, gerst, mais of uien. 

Biologisch

Het bedrijf van de gebroeders Prins is in 2016 gestart met omschakeling naar biologisch. In 2019 was een derde van het areaal gecertificeerd, een derde in het tweede jaar en 30 hectare in het eerste jaar. Ze werken veel samen met veehouderijbedrijven in de omgeving, met teelt van voedergewassen en de aanvoer van organische mest. 

Andere gewassen

De bedrijfsvoering is totaal veranderd. Suikerbieten en fabrieksaardappelen zijn vervangen door groenten, zoals waspeen, doperwten, knolselderij, uien, pompoenen, maïs, voederbieten, valeriaan en Echinacea (Amerikaanse zonnehoed, een geneeskrachtige plant). 

Arbeidskrachten

Het akkerbouwbedrijf is veel kapitaal- en arbeidsintensiever geworden. Arjan Prins: "De investeringen in mechanisatie zijn zes keer zo hoog als vroeger. En terwijl we vroeger met z'n tweeën werkten, werken we nu met 4 à 5 vaste arbeidskrachten. In de zomer komen daar 10 tot 25 mensen bij voor onkruidbestrijding. Het is heel dynamisch, maar we doen het met veel plezier."

machines_oogsten_knolselderij

Beste jaar

"Het plezier heeft ook te maken met de uitdaging van het vakmanschap. Je moet voor een groot deel zelf je strategie uitdenken en bepalen welke werkwijze en welke machines daarbij horen. Dat doen we ook veel samen met collega bio-akkerbouwers op vergelijkbare bodems hier in de streek. Dat inspireert ook.", aldus Arjan. 
"Onder de streep was 2019 als 1e jaar biologisch het beste financiële jaar dat we ooit gehad hebben en dit jaar ziet er ook goed uit.", vertelt Prins. "Uiteindelijk zijn het een paar gewassen die het jaar goed maken."

Planten

Een aanzienlijk deel van het areaal wordt niet gezaaid, maar geplant. Voederbieten, valeriaan, knolselderij, plantuien en Echinacea worden geplant. Een bewuste strategie om op deze uitdagende grondsoort om met zo weinig mogelijk concurrentie door onkruid en zo weinig mogelijk concurrentie door onkruid en zo weinig mogelijk arbeid tot een goed resultaat te komen. Oogstwerkzaamheden gebeuren veel in loonwerk. 

Strategie

Er worden meer producten afgeleverd die dichter bij de consument als eindgebruiker staan. Zoals pompoenen, knolselderij, uien en peen. Daarvoor is veel geïnvesteerd in bewaring en verwerking. Er kwamen 200 nieuwe kisten bij, meer koelruimte en een bron om te schonen en te wassen. De opbrengst is goed en de kwaliteit ook. De teeltstrategie heeft goed uitgepakt dit jaar. 

Dit is een bewerking van het artikel dat de afgelopen maand in het vakblad Ekoland heeft gestaan.